Vogels

Fascinerende veelzijdigheid en zwier

Auteur: Birgit Beckers
Auteur: Birgit Beckers

Licht als de wind

Net als wij behoren ze tot de gewervelde dieren en toch verschillen ze fundamenteel van ons: de klasse van de vogels. Spectaculaire archeologische vondsten in de 2de helft van de 19de eeuw in Beieren hebben laten zien dat vogels afstammen van dinosauriërs, want de gevonden fossiele resten van Archaeopteryx hebben kenmerken van zowel reptielen als vogels.

De opvallendste eigenschap van vogels is dat ze kunnen vliegen. En dat heeft hen grenzeloze mogelijkheden gegeven. Slechtvalken kunnen zich met snelheden van meer dan 180 km/uur naar beneden storten en wie is er niet onder de indruk van kraanvogels die in lange V-formaties de komst van de lente aankondigen?

Het vliegvermogen is te danken aan het bijzondere skelet. Vogelbotten zijn licht en toch sterk, vergelijkbaar met het principe van holle bouwstenen. De vleugels zijn van oorsprong voorpoten die bedekt zijn met een verenkleed. Iedere veer bestaat uit een schacht waaruit een dunne, vertakte, in elkaar hakende structuur groeit. Zo ontstaat een verbazingwekkend sterk en tegelijkertijd flexibel vlak dat wel iets wegheeft van vlechtwerk. Het verenkleed draagt de vogel in de lucht, houdt hem warm en speelt een rol in de communicatie met soortgenoten.

Toch zijn het niet alleen de anatomische kenmerken die vogels zo boeiend maken. Hun stofwisseling is minstens zo indrukwekkend. Trekvogels zoals de noordse stern gaan zo efficiënt om met hun energiereserves, dat ze duizenden kilometers non-stop kunnen vliegen. Kolibries kunnen dankzij vleugelslagfrequenties van meer dan 50 slagen per seconde in de lucht blijven stilhangen.

Wie zich zo vrij en snel kan bewegen, heeft ook bijzondere zintuigen nodig. Onderzoekers hebben vastgesteld dat vogels zich op het aardmagnetisch veld kunnen oriënteren en daardoor ook ’s nachts kunnen trekken. De lijnen van dit magnetisch veld lopen van pool naar pool. Bij de evenaar lopen ze parallel aan het aardoppervlak. Verder naar het noorden of zuiden verandert hun positie ten opzichte van de aarde continu, totdat ze bij de polen loodrecht op het aardoppervlak staan.

De wulp

Kenmerkende vogel van vochtige graslanden

Slechtvalken en oehoes

Verdwenen en weer teruggekeerd

Witte en zwarte ooievaar

Majesteit in het landschap

Rode wouw

Bewoner van afwisselend landschap

Paapje en graspieper

Bewoners van halfnatuurlijke graslanden

Ruigpootuil en dwerguil

Geheimzinnige jagers in de nacht

Spechten

Muzikale timmerlui

De raaf

Zwarte alleskunner

Beekvogels

Vliegkunstenaars onder water