27 Apricke

Het voormalige militaire oefenterrein is tegenwoordig een grote weide. Hier grazen kuddes wilde runderen, paarden, geiten en schapen.

Apricke (Naturschutzzentrum MK)
Apricke (Naturschutzzentrum MK)

Grote weide op een voormalig oefenterrein

Het drie vierkante kilometer grote, voormalige militaire oefenterrein Apricke ligt aan de stadsrand van Hemer. In het westen wordt het gebied gekenmerkt door voedselarm grasland op kalkrijke bodem. De spaarzame begroeiing van bomen en het vlakke terrein met grazende dieren zorgt voor een bijna prairie-achtige indruk. Storend zijn helaas de vele betonnen wegen: vroeger dienden die om erosie door de rondrijdende tanks te verminderen. Een deel ervan is echter al weggehaald. In het oosten van dit prachtige toevluchtsoord ziet het landschap er afwisselender uit: soortenrijke glanshaverhooilanden en door geiten begraasde kalkheuveltjes bepalen daar het landschap, afgewisseld met halfnatuurlijk loofbos.

Vlakbij de ingang ligt de fruitboomgaard Hemer. Ongeveer 200 hoogstamsoorten appel, peer, kers en pruim zijn er te zien. Een wandelpad met aantrekkelijke borden biedt allerlei informatie.

Toevluchtsoord voor zeldzame dieren en planten, gevormd door grazers.

Veel in dieren en planten die in de Apricke leven zijn zeldzaam geworden in de omgeving daarbuiten. Zo heeft er hier in 2010 een paartje kleine plevier gebroed. Sinds 2014 broeden er zelfs roodborsttapuiten op de vlakte. Maar ook het dülmener paard, waarvan een kleine kudde in het gebied graast, is ernstig bedreigd. In 2014 is dit oudste ponyras van Duitsland tot het meest bedreigde veeras uitgeroepen.

Vanaf 1940 tot aan de eeuwwisseling is het open terrein door schapen beweid, en werd kunstmatige bemesting niet meer toegepast. Hierdoor zijn bloemrijke schraalgraslanden ontstaan, op rotsachtige plekken zeldzame kalkgraslanden en op de zure bodem in het noordoosten van het gebied ontwikkelden zich kleinschalige heides. De geelgors en de grauwe klauwier zijn dol op dit divers gestructureerde landschap. De karakteristieke roep van de gors wordt in de Duitse volksmond ook wel beschreven als "wie, wie hab ich dich lieb" Hij is vaak in de maand maart te horen. De grauwe klauwier is meestal dan nog in Afrika. Zijn in het Duits angstaanjagend klinkende naam (Neuntöter - negendoder) heeft hij gekregen omdat hij insecten, kleine vogels of zelfs muizen spietst op doornen of scherpe takken, als voedselreserve. Beide vogelsoorten profiteren van het op halfnatuurlijke wijze beheerde grasland met vee op de weides, van fruitboomgaarden, braakliggende stukken grond, natuurlijke bosranden en droge standplaatsen.

Contact: Naturschutzzentrum Märkischer Kreis e. V.